Lang voordat kaarten de wereld vastlegden en grenzen met linialen werden getrokken, lag er ergens tussen mistige vlaktes en vergeten rivieren een plek die later Linward of Langerhinzou heten—al wist toen nog niemand dat.
Volgens oude, twijfelachtige overleveringen begon alles met een verdwaalde klokkenmaker genaamd Edrin. Hij was niet beroemd, niet bijzonder rijk, en zijn klokken liepen vaker achter dan voor. Op een dag, tijdens een reis die hij zelf al vergeten was waarom hij die maakte, kwam hij terecht in een vallei waar de tijd… zich anders gedroeg.
Zijn zakhorloge stond stil.
Niet kapot—stil. Alsof de tijd daar geen haast had.
Gefascineerd besloot Edrin te blijven. Hij bouwde een kleine werkplaats van aangespoeld hout en begon klokken te maken die niet de tijd aangaven zoals wij die kennen, maar ritmes volgden: het ritselen van gras, het opkomen van mist, het verdwijnen van voetstappen. Mensen die toevallig langs trokken—handelaren, reizigers, verdwaalde zielen—merkten dat ze zich daar rustiger voelden. Alsof hun zorgen ergens buiten de vallei bleven hangen.
Langzaam ontstond er een gemeenschap.
Maar Linward/Langerhin werd pas écht Linward/Langerhin door een gebeurtenis die men later “De Omkering” noemde. Op een ochtend werd iedereen wakker met herinneringen aan dingen die nog niet gebeurd waren. Een vrouw wist ineens hoe haar kleindochter eruit zou zien. Een bakker kende recepten die hij nooit geleerd had. En Edrin… hij zag de stad zoals die ooit zou worden: kronkelende straten, torens zonder schaduw, en pleinen waar niemand haast had.
In plaats van in paniek te raken, besloten de bewoners iets ongewoons: ze gingen leven alsof die toekomstherinneringen al waar waren. Huizen werden gebouwd op plekken die nog leeg waren. Bruggen werden gelegd over rivieren die soms opdroogden en soms ineens verschenen. Het resultaat was een stad die niet groeide volgens logica, maar volgens verwachting.
Linward/Langerhin kreeg daardoor zijn vreemde karakter: straten die nergens lijken te beginnen maar precies uitkomen waar je moet zijn, gebouwen die ouder lijken dan hun fundamenten, en inwoners die soms dingen weten die nog moeten gebeuren—maar nooit precies wanneer.
Edrin zelf verdween op een dag, zonder afscheid. In zijn werkplaats vond men één laatste klok. Geen wijzers, geen cijfers—alleen een zachte tik die soms sneller ging en soms bijna stopte. Men zegt dat die klok nog steeds ergens in Linward/Langerhin hangt, en dat als je goed luistert, je jouw eigen toekomst erin kunt horen.
Reactie plaatsen
Reacties